Stand van zaken oehoe

19 maart 2015

Donderdag 23 april 2015

Wethouder neemt petitie in ontvangst
Wethouder Mario Hegger heeft woensdag 22 april een petitie in ontvangst genomen waarin werd verzocht de oehoe zijn vrijheid terug te geven. De oehoe die werd gevangen, nadat hij ruim 50 mensen had aangevallen, blijft in opvang. Dat zei wethouder Mario Hegger na het aannemen van de petitie. "De oehoe verblijft sinds hij op 13 maart jl. werd gevangen in een ruime volière en is in goede conditie. Hij zit naast soortgenoten en voelt zich daar prima op zijn gemak. Hij laat zich voeren door de valkenier en raakt niet in paniek als hij wordt aangeraakt door zijn verzorger," aldus wethouder Hegger.

Uit onderzoek door een gespecialiseerde diergeneeskundige blijkt dat de oehoe in gevangenschap is grootgebracht. Waarschijnlijk is hij op een gegeven moment losgelaten door de eigenaar.Het vrijlaten van dieren is volgens de Flora en Faunawet verboden: vogels die eenmaal gehouden zijn, moeten in gevangenschap blijven. Omdat de oehoe niet is voorzien van een chip en geen ring heeft, is de eigenaar moeilijk te traceren. Daarom heeft de gemeente een CITES-verklaring aangevraagd waarmee de gevangenschap van de oehoe opnieuw wordt gelegaliseerd.

De gemeente overweegt dus ook niet om de oehoe uit te zetten in een van de uitgestrekte natuurgebieden in Europa, zoals in de petitie wordt gesuggereerd. Omdat het een vogel is die door mensen is grootgebracht, zal hij dan naar alle waarschijnlijkheid weer de bebouwing opzoeken en hetzelfde agressieve gedrag vertonen dat hij in Purmerend liet zien.

Het is belangrijk dat de oehoe in alle rust kan verblijven. Daarom wordt hij afgeschermd van pers en publiek en wordt het verblijfadres van de oehoe niet bekend gemaakt.

----------------------------------------------------------------------------------------------

Donderdag 19 maart 2015

Dinsdag 17 maart 2015 zijn wethouder Mario Hegger, een ambtenaar dierenwelzijn en de coördinator van de dierenpolitie naar het opvangadres van de oehoe geweest. Dit bezoek was vooral om te bekijken hoe het met het welzijn van de oehoe is gesteld en om het vervolg te bespreken. Het gaat heel goed met de oehoe, belangrijk is dat het dier nu flink tot rust komt.

Bij het opvangadres zit de oehoe in een ruime volière waar hij zich desgewenst kan terugtrekken. In de volière direct naast de oehoe zit een vrouwelijke oehoe, zodat contact met een soortgenoot gemaakt kan worden. De gevangen oehoe lijkt, in tegenstelling tot eerdere berichtgeving, toch een mannelijk exemplaar te zijn. De valkenier kan de oehoe gewoon benaderen en hem verleiden met voer. Hieruit blijkt dat het dier gehouden moet zijn geweest. Een wilde oehoe is niet op deze manier te benaderen. De oehoe is in goede conditie en zit rustig en op zijn gemak in de volière.

De oehoe wordt op later moment nog door een diergeneeskundige op het gebied van roofvogels en uilen onderzocht. Hierbij wordt DNA afgenomen en bekeken of de oehoe eventueel gechipt is. De uitslag van het DNA onderzoek laat enkele weken op zich wachten. Door DNA te vergelijken met andere gehouden oehoes, kan bewezen worden dat de oehoe gehouden is geweest. Op dit moment is al duidelijk dat de oehoe geen ring draagt. Dit kan verklaard worden doordat jaarlijks oehoes uit gevangenschap worden vrijgelaten en voor de vrijlating de ring wordt doorgeknipt. Hierdoor is een eigenaar moeilijker te traceren. Het vrijlaten van dieren is volgens de Flora en Faunawet verboden.

Als ook door het ontbreken van een chip of door DNA niet bewezen kan worden dat de oehoe gehouden is geweest, wordt er toch een CITES verklaring  bij RVO aangevraagd. Alle experts zijn het er namelijk mee eens dat het hier om een gehouden oehoe gaat. Om deze opnieuw te legaliseren wordt dan de CITES verklaring aangevraagd. Deze aanvraag kan 2 weken na vangst door de burgemeester worden aangevraagd.

In het belang van de oehoe, en diens rust, wordt het verblijfadres van de oehoe vooralsnog niet bekend gemaakt.

Fotograaf Roel van Dorsten

----------------------------------------------------------------------------------------------

Vrijdag 13 maart 2015

De Purmerendse oehoe is overgebracht naar een tijdelijke opvang. Een door de gemeente ingeschakelde valkenier heeft het dier op vrijdag 13 maart in goede gezondheid kunnen vangen en brengt haar naar een tijdelijk vogelverblijf. Hier wordt de oehoe gehouden tot een definitieve en geschikte verblijfplaats voor haar is gevonden.

In totaal is er inmiddels sprake van zo’n 50 geregistreerde oehoe aanvallen. Sinds de ontheffingsverlening van de provincie heeft de uil zeker nog 5 mensen van achter aangevallen. De aanvallen leiden veelal tot vervelende verwondingen, waaronder fikse bulten, sneden en krassen.

De oehoe hield zich al geruime tijd op rond het terrein van de Prinsenstichting. De aanwezigheid van de oehoe zorgde al sinds maart 2014, met tussenpozen, voor problemen. De gemeente heeft overwogen de vogel met rust te laten, maar de aanvallen werden steeds heviger. Ook buiten de broedtijd waren er aanvallen. Vorig jaar was er zelfs een mannelijke oehoe in de omgeving en toch hielden de aanvallen aan. De situatie werd zodanig gevaarlijk voor bewoners dat het niet langer verantwoord was om niets te doen. Veel bewoners in de omgeving waren angstig om de straat op te gaan.

De oehoe is een beschermd dier. De gemeente kon haar dus niet zomaar vangen. Hier is een ontheffing van de provincie Noord-Holland voor nodig. Normaal gesproken kent de procedure voor het verlenen van zo’n ontheffing een flinke doorlooptijd. Gezien de ernst van de aanvallen en mede op aandringen van de gemeente heeft de provincie de procedure versneld doorlopen. Zo kreeg de valkenier vrij snel groen licht om zijn werk te kunnen doen. Bij de tijdelijke vogelopvang wordt gekeken of er iets is waaruit blijkt dat de oehoe eerder in gevangenschap is gehouden. Mede dit bepaalt de toekomstige verblijfplaats van het dier.

Wethouder Mario Hegger is blij dat de rust terugkeert, maar kent een dubbel gevoel. “Het was niet langer houdbaar, we moesten wat doen. Natuurlijk laat je zo’n prachtige roofvogel liever met rust, maar de situatie werd te link. We hebben mensen aangeraden het dier zoveel mogelijk met rust te laten en een paraplu te dragen. De hevigheid van de aanvallen en daarbij horende verwondingen waren voor ons aanleiding om de provincie toestemming te vragen een valkenier te mogen inzetten”.